Traumatherapie

Wanneer een kind emotionele, lichamelijke en/of gedragsproblemen heeft en deze klachten lijken samen te hangen met één of meerdere traumatische ervaringen dan kan EMDR voor kinderen een effectieve behandelmethode zijn.

Bij ervaringen waarbij angst, hulpeloosheid of levensgevaar een rol spelen kondigt het lichaam een alarmtoestand af. Beelden, gedachten, geluiden en gevoelens worden daardoor in ‘ruwe’ onverwerkte vorm opgeslagen. Bepaalde prikkels, zoals geuren, geluiden en beelden die aan de ingrijpende gebeurtenis doen denken, kunnen de onverwerkte herinnering steeds weer activeren. Het kind voelt dan steeds dezelfde emoties als toen en raakt keer op keer van slag.  EMDR helpt om het informatieverwerkingsproces af te ronden zodat traumatische herinneringen gewone herinneringen kunnen worden.

De therapeut onderzoek samen met het kind welke gebeurtenis ten grondslag ligt aan de klachten van het kind. Samen met het kind wordt in kaart gebracht wat het kind graag anders wil en worden de aanwezige kwaliteiten van het kind geactiveerd als hulpbron. Door te praten, te spelen, te tekenen gaat het kind op zoek naar het plaatje van de gebeurtenis dat nu op dit moment nog het naarst is om naar te kijken. Het kind verkent wat er in zijn hoofd en lichaam gebeurd op het moment dat dit plaatje in beeld is. Welke gedachten heeft het kind over zichzelf? Welke emoties ervaart het kind? En waar in het lijf voelt het kind dit? Terwijl het kind zich concentreert op het plaatje en wat het erbij denkt en voelt vraagt de therapeut het kind om ook nog iets anders te doen. Dat kan zijn:

  • met de ogen de vingers van de therapeut volgen die voor het gezicht heen en weer bewegen
  • luisteren naar geluidjes via een koptelefoon
  • met de handen trommelen op de handen van de therapeut (of andersom)

De therapeut vraagt dan regelmatig wat het kind merkt. Dat kunnen gedachten, beelden, emoties of lichamelijke sensaties zijn. Het kind zal het plaatje van de gebeurtenis steeds beter kunnen verdragen. De behandeling gaat door tot het kind niet meer van slag raakt wanneer het aan de gebeurtenis van toen denkt.

Voorbeelden van nare ervaringen zijn:

  • brand, (verkeers)ongeval, inbraak, overval
  • echtscheiding, adoptie, uithuisplaatsing
  • huiselijke ruzies en geweld
  • ernstige ziekte en/of plots overlijden van een ouder, geliefd familielid of huisdier
  • faalervaringen op school, proefwerk, spreekbeurt
  • pestervaringen, afwijzing door leeftijdsgenoten
  • (ernstig) ziek zijn
  • (terugkerende) nachtmerrie
  • eenmalige of opeenvolgende medische ingrepen, zoals prikken of narcose
  • momenten van in paniek raken, hyperventilatie, ademnood

Of EMDR als traumabehandeling geschikt en passend is wordt in iedere individuele situatie afgewogen. Andere vormen van psychotherapie en lichaamsgericht traumawerk kunnen eveneens in de sessie ingezet worden indien de therapeut inschat dat deze behandelvormen beter aansluiten bij het kind en diens klachten.